Late liefde: Kees en Peter
|
Ware Liefde op late leeftijdAlgemeen Dagblad * 5 maart 2007 * Eric van der Velde
Twee lange levens, twee verschillende achtergronden, die uiteindelijk samen komen in één ware liefde. Voor de NCRV verhaalt documentairemaker Frans Bromet over verliefde stellen op leeftijd.
Zijn aanpak is inmiddels een handelsmerk, en sinds zijn grote succes met Buren ook al vaak gepersifleerd: vanachter de door hem zelf bediende camera met korte zinnetjes doorzeuren op quasi naïeve toon. ,,Ik ben niet zo'n prater,'' zegt hij over zichzelf. ,,Ik ben wat teruggetrokken, een beschouwer van de zijlijn. Ik laat zien dat de mens als het erop aankomt, vaak een enigszins bedenkelijk wezen is.''
Met dat bedenkelijke valt het in de eerste twee afleveringen van Late Liefde wel mee. Bromet geeft het woord aan Kees (63) en Peter (55), een homostel waar het geluk van af spat. Wat je hooguit bedenkelijk zou kunnen noemen, is de lange weg naar deze liefde toe. Zowel Peter als Kees heeft het zichzelf buitengewoon lastig gemaakt. De eerste trouwde en kreeg vier kinderen uit dat huwelijk. Toen hij na de scheiding eindelijk de moed vond om zijn ware aard te bekennen, reageerde zijn ex laconiek: ‘O, is dat het'. Om daar later aan toe te voegen: ‘En toch hou ik van je'. Kees onderdrukte tot zijn 38ste zijn seksualiteit in een klooster in de Zuid-Limburgse heuvels. Als hij in de biecht vertelde over zijn seksuele geaardheid, kreeg hij te horen: ‘Als maar niemand het merkt'. Hoe verschillend de achtergronden ook zijn, er is wel een duidelijke overeenkomst: beiden hebben geleden onder het verbergen van hun gevoelens.
Dit gemeenschappelijke is zo sterk, dat de verschillen overbrugbaar blijken. Amsterdamse Kees is dol op tierelantijnen, voor Utrechtse Peter kan de inrichting niet strak genoeg zijn. Dat verandert naar mate hun relatie zich verdiept. De inrichting van het huis dat ze samen hebben gekocht, wordt een symbiose van beide stijlen. |
|
De lange weg naar gelukNCRV Gids * 5 maart 2007 * Yvonne Heerema
In de serie Late Liefde volgt documentairemaker Frans Bromet verliefde stellen op leeftijd. Het homopaar Kees en Peter valt qua leeftijd misschien uit de toon in de reeks zeventigers, tachtigers en zelfs negentigers, maar er gaan wel twee bijzondere geschiedenissen vooraf aan het moment dat zij elkaar vonden.
Kees (63) houdt van tierelantijntjes. Hoe meer franje, hoe beter. Zijn Amsterdamse flat puilt uit van de Mariabeeldjes, barokke spiegels, serviesgoed afgestemd op de seizoenen en schilderijen van boerenlandschappen. Zelf is hij net zo druk als zijn bonte interieur: praatgraag, impulsief en extravert. De Utrechtse woning van Peter (55) daarentegen is strak en modern ingericht, geheel in harmonie met zijn aard: rustig, bedachtzaam en introvert. Kees en Peter konden niet meer van elkaar verschillen en toch ziet iedereen die ze samen ziet: die twee horen bij elkaar. Maar voordat de twee mannen de liefde bij elkaar vonden, hadden e beiden al heel wat meegemaakt. Voor de camera van de documentairemaker Frans Bromet vertelt het stel in twee afleveringen van de reeks Late liefde openlijk over de ongemakkelijke weg die ze hebben moeten afleggen.
Dubbelleven Op zijn zestiende voelde Kees een roeping: hij wilde het klooster in. Hij deed het ook. Na zes jaar besefte hij dat de liefde die hij voor mannen voelde verder ging dan broederliefde. Nog eens zestien jaar later kon hij zijn homoseksuele gevoelens niet langer onderdrukken en verliet hij het klooster. Al snel ontmoette hij André en ze werden verliefd. Vijfentwintig jaar leefden ze samen, totdat André vorig jaar overleed. Ook Peter had jarenlang zijn homoseksualiteit weggestopt. Twintig jaar lang was hij getrouwd. Uit dat huwelijk heeft hij vier kinderen. Nadat hij door een diep dal was gegaan, kwam hij twee jaar geleden uit de kast. Ërge3ns heb ik het altijd wel geweten. Klasgenoten op de middelbareschool hoorde ik weleens zeggen: ‘Peter is homo', maar dat ontkende ik altijd. Mijn hele leven heb ik de angst gehad om het te vertellen. Ik heb me aangepast aan de algemene norm en daarom trouwde ik, net als iedereen om me heen. In het begin was ik heel bewust bezig met het stichten van een gezin. Toen mijn huwelijk minder bruisend werd, was het voor mij echt een kwelling. In mijn hoofd leidde ik een dubbelleven. Daardoor ben ik op een gegeven moment steeds meer gaan drinken. Nadat ik bij mijn vrouw ben weggegaan, liep dat echt de spuigaten uit. Een vriendin vroeg me op een gegeven moment wat er écht aan de hand was. Toen heb ik voor de eerste keer aan iemand verteld dat ik homo ben. Ik was in therapie om van de drank af te komen en die therapeut zei: ‘Als jij geen korte metten maakt met de onduidelijkheid rondom je homoseksualiteit, kan ik je niet verder helpen'. Ik kreeg twee weken de tijd van hem om het iedereen te vertellen en dat heb ik gedaan. Dat was goed, want er moest echt iets gebeuren. De reactie van mijn vrouw en kinderen viel ontzettend mee. Natuurlijk was er eerst schrik maar inmiddels hebben ze het geaccepteerd. Tot mijn grote verbazing kreeg ik geen enkele negatieve reactie."
Honderddertig bruidsmeisjes "Kees heeft het probleem altijd proberen weg te stoppen door in de tijd dat hij in het klooster zat heel hard te werken. Maar op een gegeven moment loop je toch weer tegen het feit aan dat je niet jezelf kunt zijn. Dat hebben wij beiden ervaren. Hoewel Kees en ik heel erg verschillend zijn, heb ik het heerlijk met hem. Het was meteen raak bij onze eerste ontmoeting. Ik had een interview gegeven aan de Gaykrant en dat had indruk gemaakt op Kees. Later ontmoetten we elkaar toevallig bij een vergadering van het landelijk platform voor oudere homo's en lesbo's. Na de vergadering hebben we gepraat en gedanst. Er was meteen een klik en toen hebben we afgesproken dat ik snel naar Amsterdam zou komen. Dat heb ik gedaan en ik ben meteen een heel weekend gebleven. Kees en ik vullen elkaar heel goed aan. Hij is heel extravert en impulsief en dat ben ik geen van tweeën maar dat heb ik af en toe wel nodig. Ik denk altijd drie keer over de dingen na en dat is soms twee keer te veel. De beslissing om samen een huis te kopen bijvoorbeeld: ik moet eerst kijken, dan heb ik tijd nodig om te overwegen en vervolgens neem ik pas een besluit. Kees zegt gewoon: ‘We doen het!'. Hij gaat er onvoorwaardelijk voor en dat is een heerlijke ervaring. Jammer genoeg is het huis dat we samen gekocht hebben pas in 2009 klaar. Zo lang kunnen we niet wachten. Binnenkort komt hij in ieder geval een paar maanden bij mij wonen, want hij heeft z'n flat uitgeleend aan kennissen uit Australië. Dan smelten we echt samen. Volgend jaar gaan we trouwen. Aan de ene kant vind ik dat wel echt iets hetero-achtigs maar het is ook wel heel leuk om feest te vieren met alle mensen om ons heen die met ons meeleven. Ik geloof dat we inmiddels al honderddertig bruidsmeisjes hebben en dat zijn niet allemaal meisjes!" |
|
Oud en verliefdVPRO Gids * 5 maart 2007 * Sietse Meijer
Frans Bromet volgt verliefde stellen op leeftijd. Tussen alle tachtigers zijn Kees (63) en Peter (55) nog jonkies, maar aan bewogen verledens geen gebrek.
'O, is ‘t dat?' Dat was de reactie van de ex-vrouw van Peter, toen hij haar vertelde dat hij homo was. Bijna twintig jaar waren ze met elkaar getrouwd geweest, vier kinderen, en al die tijd had Peter het weggedrukt. Pas nadat hij bij hen weg was gegaan, lukte het hem om zijn vrouw en kinderen te vertellen over zijn geaardheid. ‘En toch hou ik nog van je,' zei zijn vrouw bij die gelegenheid. Nu staat hij met zijn vriend Kees te kijken naar de Gay Pride in Amsterdam. Kees moet lachen om Peters enthousiasme: ‘Hij heeft het te pakken, hoor.' Peter (55) en Kees (63) staan centraal in het twee delen van Late liefde, door Frans Bromet gemaakt voor NCRV'S Dokument. In deze serie over verliefde stellen op leeftijd zijn Kees en Peter nog niet eens z0 erg op leeftijd, vergeleken met de tachtigplussers in de andere afleveringen. Maar ze hebben wel elk al een bewogen leven achter de rug. Volgens Kees is de band die hij met Peter voelt zelfs te verklaren uit de manier waarop ze eronder hebben geleden dat ze lange tijd hun gevoelens moesten verbergen. In Kees' geval was het de zestien jaar die hij doorbracht in een klooster, waar hij er langzamerhand achter kwam dat hij voor sommige broeders meer dan gewone genegenheid voelde. Maar dat was in het klooster een doodzonde. Als hij het in de biecht vertelde, kreeg hij te horen: ‘Als maar niemand het merkt.' Op zijn 38ste stapte hij uit het klooster, drie maanden later vond hij een vriend met wie hij 25 jaar zou samenleven, tot diens dood. Kort daarop ontmoette hij Peter. In Late liefde is mooi te volgen hoe Kees en Peter meer en meer naar elkaar toe groeien, een soort symbiose ondergaan, wat vooral te zien is in beider woningen; Kees, die zich omringt met talloze medaillons, beeldjes, schilderijen en allerlei tierelantijnen, gaat onder invloed van Peter veel dingen weghalen, terwijl Peter zijn kale, moderne woning juist meer gaan aankleden - met onder meer een Perzisch tapijt van Kees. |
|
|
|